Transformeer je pijn in kracht. Diepe inzichten van Carl Jung (1875-1961) – Zwitsers psychiater en psycholoog, leerling van Freud

Bron youtube-kanaal: INNERLIJKE REIS, 18-8-2025, Hieronder uitgewerkt in tekst

 

Er is een psychologisch geheim dat uw leven krachtig kan veranderen. Een stil maar krachtig keerpunt. Als dat eenmaal bereikt is, kunnen kritiek, oordelen en de meest pijnlijke verliezen je niet meer aan het wankelen brengen. Dit punt komt echter niet met de tijd, maar met bewustzijn. De meeste mensen leven gevangen in automatische reacties, waarbij ze proberen te controleren wat er buiten gebeurt, terwijl ze negeren wat er in hen pulseert. Carl Jung begreep dit met pijnlijke helderheid. Hij ontdekte dat we niet sterk worden door ons te verzetten tegen de wereld, maar door datgene wat we ontkennen in onszelf te integreren. En als dat gebeurt, als dat stille proces op gang komt, zal niet of niemand het meer kunnen beïnvloeden.

 

Veel mensen voelen zich emotioneel onstabiel. Ook al lijken ze aan de buitenkant sterk. Waar komen onze triggers echt vandaan en hoe kunnen we ze echt uitschakelen zonder dat we onszelf daarvoor hoeven af te sluiten van de wereld? Het belangrijkste is dat u een plek in uzelf ontdekt waar de wereld u nog wel kan raken, maar waar deze u niet langer kan neerhalen.

 

Uit de lessen van Jung leren we dichterbij komen bij wie we werkelijk zijn. Ons echte zelf worden, puur hoe we zijn gemaakt. Niet meer leven vanuit gevolgschade, overlevingsdelen, oude patronen, ons oude karakter. Maar in de weg van karaktertransformatie worden we steeds meer ons pure ik. Die reageert niet meer vanuit oude kindpijnen, die eigenlijk iedereen wel herkent bij zichzelf. Maar in deze weg worden we steeds meer emotioneel volwassen, en kunnen we wat van de ander is bij de ander laten en zelf op je eigen benen blijven staan, zonder om te vallen. Zonder overweldigd te worden door je emoties. Niet boos worden als iemand anders je kwetst, maar dat bij de ander laten. Zo leer je je energie te behouden, en verlies je dit niet aan externe gebeurtenissen die jou raken.

 

Iemand bekritiseert je. Iemand negeert je. Een provocatie lijkt slechts bedoeld om je grenzen te testen. En verassend genoeg begint er helemaal niets in je te trillen. Geen automatische verdediging. Geen impuls om in een tegen aanval te gaan. Gewoon een vreemd en krachtig gevoel. Vrede. Het is alsof je eindelijk bent gestopt met dansen op de melodie die de wereld je wil laten horen. Deze toestand is geen koudheid of desinteresse, maar psychische vrijheid. Een innerlijke ruimte waarin emoties kunnen bestaan, maar niet langer de koers bepalen. Wanneer de ziel deze plek vindt, verandert er iets fundamenteels. De as van ervaring is niet langer in de ander, maar in jou. Wat verandert er als je je niet langer laat controleren door de buitenwereld? Jung geeft een eenvoudig maar bruut eerlijk antwoord. Wat jou beïnvloedt, domineert jou. Wat je integreert, maakt je vrij. Wat hij voorstelt is niet dat we ons tegen de wereld moeten verzetten. Alsof we onszelf moeten verharden om niet te breken. Ook dit is een masker, een overlevingsmechanisme die je sterk lijkt voor te doen, maar ten diepste een schild is omdat je nog niet bestand bent tegen waarin de ander jou triggert. Je hebt nog kinddelen, afgespleten pijnstukken in jezelf waarvan je je afgesplitst hebt. Een pijnlijke ervaring van vroeger die je niet kon verdragen heb je weggestopt in een afgesplitst deel. Vandaag de dag word je erop getriggerd, of heb je juist vlakheid, afgestomptheid, een schild om niet geraakt te worden. Het is iets anders. Het is het herkennen van iets wat er in jou nog trilt/ bloed/ reageert, en het van daaruit met aanwezigheid bevatten. Niet om kracht te veinzen, maar om toegang te krijgen tot een echte kracht die geboren wordt uit helderheid.

Reageren is de automatische modus van het ego. Het is het emotionele lichaam dat zichzelf probeert te beschermen tegen wat het niet begrijpt. Maar als je de beweging observeert voordat je ermee samensmelt, als je haar voelt zonder te verdwalen, begin je (de controle te verliezen over) vrij te worden, los te laten van wat je beïnvloedt. Eigenlijk begint wat jou beïnvloedde de controle te verliezen over je. Je kinddelen nemen niet meer het stuur over, maar je blijft jezelf.

Dit is niet immuun worden, maar heel worden. Vrijheid is in deze zin niet de afwezigheid van pijn, maar afwezigheid van de afhankelijkheid van de goedkeuring van anderen. Het gaat erom dat je beseft dat het ongemak van buitenaf slechts de oppervlakte is. Wat je werkelijk uit balans brengt zit dieper, en daar begint verandering. Een oude pijn in jou wordt geraakt, en door naar die pijn te gaan, dat in jou wat pijn doet te gaan voelen, doorvoelen en ruimte geven. Je legt zo de wereld niet het zwijgen op, maar het deel van de wereld het zwijgen op dat er nog steeds mee in verwarring raakt, met jouw delen die erop reageren. Deze wending is subtiel, maar verandert alles. De wereld zal doorgaan met provoceren, testen, je proberen te raken, uitdagen om je van jezelf weg te trekken, je energie op te zuigen. Het verschil is da u nu ergens anders verankerd bent. Het is niet langer het ego dat het stuur in handen heeft. En als dat gebeurt, wat bewoog jou vroeger? De kritiek, de stilte minachtig verliest het vermogen om je mee te slepen. Deze impuls verdwijnt niet zomaar, dat is een heel proces. Hij verschijnt nog steeds, snel en instinctief, klaar om te reageren. De eerste reactie is meestal de luidste. Kritiek arriveert en binnen enkele millisecondenstaat het ego in gevechtspositie. Het is zo’n automatische reflex dat je nauwelijks tijd hebt om te beseffen wat er eigenlijk is aangeraakt. Voor het ego wordt elk ongemak als een bedreiging gezien en het probeert het gevoel van controle levend te houden. Deze controle is slechts schijn. Een innerlijk theater waarin het ego de rol van stabiliteit speelt. ‘Als ik mezelf goed uitleg, zullen ze mij niet veroordelen’. ‘Als ik er zelfverzekerd uitzie, zullen ze me niet aanvallen’. Maar deze inspanning heeft een diepere oorsprong. De angst om ontmaskerd te worden. De angst om zwak, ontoereikend en misplaatst over te komen. Wanneer deze pijn wordt aangeraakt, komt het ego in actie en probeert deze snel te bedekken. Het is vergelijkbaar met iemand die met zijn handen een brand probeert te blussen. Daarom roept oppervlakkige kritiek soms disproportionele reacties op. Het is niet de kritiek die pijn doet, maar wat het activeert in jou. Jung zei dat wanneer het ego zich afzondert van de rest van de psyche, het een wanhopige verdediger van zijn eigen beeld, zelfbeeld, wordt. Hoe onzekerder hij van binnen is, hoe stijver hij van buiten wordt. Gevoeligheid wordt een wapen en starheid een vals fort. In dit proces verandert het ego elke onenigheid in een persoonlijke aanval en elke stilte in minachting. Alles draait om hem. Maar dat is slechts een symptoom van een word die nog niet is geheeld. Elke overdreven reactie is diep vanbinnen een schreeuw om hulp, vermomd als verdediging. Maar deze reactieve beweging lost het probleem niet op. De pijn blijft aanwezig. Opgeslagen in een donker hoekje van het bewustzijn. Wachtend op de volgende trigger. Hoe meer u automatisch reageert, hoe verder u verwijderd raakt van wat u werkelijk voelt. De uitgang begint op het moment dat u de impuls opmerkt en besluit eraan te gehoorzamen. Het moment waarop je ademhaalt voordat je handelt, is de scheur waardoor het licht naar binnenkomt. En het is in deze ruimte tussen prikkel en reactie dat je uit de handen van het ego stapt en de controle over je eigen ervaring terugkrijgt.

Iedere keer als iemand je op je zenuwen werkt is er iets diepers aan de hand dan je op het eerste gezicht zou denken. De intensiteit van uw reactie heeft zelden alleen met de andere persoon te maken. Vaak is het een blinde vlek. Iets wat je niet wil zien, maar wat er wel is en in de schaduw plaatsvindt. De schaduw is volgens Jung de verzameling van alles wat je in jezelf hebt onderdrukt, ontkend of afgewezen. Niet uit kwaadaardigheid, maar uit een behoefte aan acceptatie. Al op jonge leeftijd leren we wat we wel en niet mogen laten zien. Wat mooi is, wat geprezen moet worden en wat schandelijk of afgekeurd is. Wat niet past wordt onder het psychische tapijt geveegd. Maar wat verborgen, onderdrukt en weggedrukt, is verdwijnt niet. Het wordt sterker. Deze ontkende delen vormen een soort van autonome energie. Ze willen niet genegeerd worden, daarom laten ze zich vaak horen als ze anderen ontmoeten. Dat is wanneer iemand zonder reden met je lijkt te sollen. Irritatie, veroordeling en buitensporig ongemak zijn meestal duidelijke tekenen dat er iets in jouw schaduw is aangeraakt. De andere werkt als een spiegel, maar de weerspiegeling is soms ondragelijk. De schaduw is geen monster. Het is alles wat je verborgen hield omdat het niet acceptabel was. Het kan gaan om eigenschappen die u niet bij uzelf herkent vanwege angst, jaloezie of onzekerheid. De moed die je niet uit. De creativiteit die je onderdrukt. De woede die je niet toegeeft. Daar gaat het allemaal heen. En hoe meer je ontkend wordt, hoe meer je blootgesteld wordt. Want datgene wat niet geïntegreerd is, beheerst je vanaf de zijlijn.

Stel je de schaduw voor als een psychische echo. Wanner het licht van het bewustzijn iets raakt wat is opgeslagen, roept die echo. Het is een ongemak die van buitenaf lijkt te komen, maar de oorsprong ligt in jezelf. Het is alsof het leven voortdurend mensen en situaties op je pad brengt die je eraan herinneren wat je (onbewust) hebt geprobeerd te vergeten.

Het goede nieuws is dat deze blootstelling ook een kans biedt. Wanneer u plotseling geïrriteerd raakt, boos wordt zonder duidelijke verklaring, dan ziet u een kans. Om het te observeren, te benoemen en te accepteren dat het ook deel van jou is. Ook al weet je nog niet wat je er mee moet doen. Het integreren van de schaduw is niet hetzelfde als je ermee identificeren. Het gaat erom dat je je bestaan erkent zonder weg te rennen. Pas dan verliest het de kracht om je naar binnen te trekken. Elke keer dat de buitenwereld je prikt, heeft de pijn die je voelt niet altijd te maken met wat er net is gebeurd. Soms kan een ogenschijnlijk simpele opmerking, een gebaar of een stilte iets veel groters in gang zetten. Het is alsof die situatie een knop indrukt die al lang in je aanwezig is. De naam van deze knop is EMOTIONEEL COMPLEX. Voor Jung zijn complexen verzamelingen van emoties, herinneringen en beelden die georganiseerd zijn rondom een opmerkelijke en nog onverteerde ervaring uit het verleden. Het zijn levende kernen in de psyche. Autonoom, intens en soms onvoorspelbaar. Wanneer een complex geactiveerd wordt neemt het de controle over. Het is net alsof je voor een paar seconden niet meer jezelf bent. De reactie komt niet voort uit het heden. Maar uit een onverwerkt verleden dat nog steeds in je leeft. Daarom kan genegeerd worden meer pijn doen dan de situatie rechtvaardigt. Wat echt pijn doet is niet wat er nu gebeurt. Het is de eeuwenoude verlatenheid die nog steeds voelbaar is. Het emotionele complex werkt als een open wond. Altijd klaar om te reageren. De persoon die jou op dat moment negeerde, had misschien geen kwade bedoelingen. Maar de impact is disproportioneel, omdat het emotionele geheugen de realiteit overheerst. Deze complexen kunnen aan verschillende ervaringen worden gekoppeld. Afwijzing, vernedering, niet tegemoetkomen aan behoeftes, te dichtbij komen, (evaluatie,) verlating, onrecht, elk van hen draagt zijn eigen innerlijke verhaal met zich mee. Wanneer u het activeert, krijgt u het gevoel dat u alles opnieuw beleeft. Ook al is de huidige situatie totaal anders. En het ergste: vaak heb je niet eens door dat je door dit proces wordt overgenomen. Jung zei dat wanneer een complex geactiveerd is, het zich gedraagt als een kleine persoonlijkheid in de persoon. Het heeft zijn eigen toon, overtuigingen en automatische reacties. Het is of je tijdelijk bezeten bent door een deel voor jezelf wat nog steeds bang, defensief en kinderlijk is. Genezing begint wanneer u dit mechanisme herkent. Wanneer je jezelf midden in de reactie afvraagt: wat in mij wordt er geraakt, wat in mij doet er pijn, waar in mijn lijf ervaar ik dit, bijvoorbeeld in mijn onderbuik, druk op borst, of alsof mijn keel wordt dichtgeknepen? Op dit moment van bewustzijn verandert er iets. Emotie is niet langer een vijand die verslagen kan worden, maar een teken, een boodschap dat er iets in jou nog steeds verwelkomd moet worden. De echte trigger is nooit uitgezet, uitgegaan. Het wordt alleen van buiten naar binnen geactiveerd. De inhoud, de pijn, de herinnering: het was er allemaal al vanaf het moment dat je een (emotionele) gebeurtenis niet goed kon verwerken, of een reeks van emotionele tekorten, meestal voor ons derde levensjaar, waarin emotionele hechting enorm belangrijk is. Gebeurtenissen voor ons 1e levensjaar herinneren we ons niet bewust, maar zijn onbewust opgeslagen in ons celgeheugen. We kunnen de oorzaak van een huidige trigger dus vaak niet achterhalen.

Nu je je bewust wordt en met deze inzichten aan de slag gaat, krijg je de kans om te observeren zonder er een oordeel over te hebben, i.p.v. alleen maar te reageren vanuit je oude patronen. En dat verandert alles. Wanneer er emoties opkomen is de eerste impuls om ze te willen kwijtraken, niet willen voelen, onderdrukken, verbergen, rationaliseren. Noem het overdrijving, zwakte of drama. Je vindt het dus overdreven als je jezelf serieus neemt in wat je echt voelt. Of je vindt jezelf zwak als je ruimte geeft aan je emoties, dus je probeert sterk te zijn, stoer te doen, grappig te zijn, om mar niet echt jezelf te zijn en kwetsbaarheid te tonen. Of je wilt geen drama en drukt boosheid weg over een situatie waarin je geen gelijk had, maar het blijft toch in je knagen, je hebt de boosheid geen ruimte kunnen geven. Die was ook buitenproportioneel groot. Je had wel alles kort en klein kunnen slaan, maar dat is niet realistisch. Maar juist deze automatische patronen om te zwijgen over wat je voelt, zorgt ervoor dat je niet meer met jezelf in contact komt, je gaat uit verbinding met jezelf wat je echt voelt en beweegt weg van je kern, van wat je voelt, van emoties die eruit willen. Emoties zijn er niet om in de weg te zitten. Zij vertellen je iets. Elke emotie draagt een boodschap met zich mee. Een onvervulde behoefte, een deel van jou dat erkend wil worden. Woede. Verdriet. Angst. Elk van hen is een symbool, een interne code die wacht op interpretatie, om er een betekenis aan te geven.

Woede kan de kreet zijn dat een grens is overschreden.

Verdriet is een teken dat iets beëindigd moet worden.

Angst, de oproep tot voorzichtigheid in het licht van het onbekende.

Wanneer je emoties als vijand beschouwd, mis je de kans om ervan te leren. Als je goed luistert, zie je precies waar het punt zit dat nog aanwezig moet zijn. Jung zag emoties niet als tekortkomingen van het systeem. Hij begreep ze als levende inhoud. Vol psychische energie waarnaar geluisterd en die uitgewerkt moet worden. En er is een wezenlijk verschil tussen inperken en onderdrukken. Onderdrukken is verstikkend. Doen alsof je niets voelt. Bevatten is het tegenovergestelde. Het gaat erom te erkennen wat er is, maar ook een veilige ruimte te creëren waarin dat kan bestaan zonder dat het de controle overneemt. Hier komt de metafoor van het alchemistische vat ter sprake. In de alchemie is het vat de container waarin de ruwe elementen worden geplaatst om te transformeren. Het ontploft niet. Het breekt niet. Het zorgt ervoor dat de intensiteit van het proces behouden blijft. Wanneer je een emotie in bedwang houdt, word je je eigen vat. Een container die het koken kan volhouden zonder te breken. Zonder dat het over iemand anders stroomt. Zonder dat je jezelf hoeft te neutraliseren. Dit is geen onderdrukking. Dit is alchemie. Onderdrukken is wegduwen naar het onbewuste. Bevatten betekent dat je de emotie laat bestaan, maar met een bewustzijn dat de emotie observeert, voelt en in stand houdt. Emoties zijn geen systeemfouten. Het zijn directe boodschappen van de ziel.

Woede kan betekenen dat u een grens hebt overschreden.

Angst dat u voor het onbekende staat en nu zich moet voorbereiden.

Verdriet dat u iets belangrijks hebt verloren en hebt verdiend om geëerd te worden.

Geen van deze emoties zijn op zichzelf negatief. Het probleem is niet het gevoel, maar het niet weten wat je met je gevoelens moet doen. Jung zag emoties als levende symbolen. Ze hebben allemaal een betekenis die verder rijkt dan het onmiddellijke. De ruwe reactie is enkel het omhulsel. Als je aanwezig blijft bij een heftige emotie door er als je op een voor jou vertrouwde plek bent en een trigger weer terug haalt en gaat voelen zodat je weer voelt wat je voelde toen je getriggerd werd, krijg je toegang tot de meest subtiele en ware inhoud. Je gaat dan voor het eerst ruimte geven aan wat al heel lang en heel vaak in je riep. Je verstond het niet. Je kende dit niet. Maar nu begin je voor het eerst te voelen, en probeer je naar die emotie te gaan, waar je voorheen altijd van weg bewoog. Het was je automatische patroon. Je was nu eenmaal zo, je had nu eenmaal een gevoelig, opvliegend, driftig of droefgeestig karakter. Kom je op dit punt, dan is een emotie niet langer een belemmering, maar een toegangspoort. Symbolische beheersing is een essentieel concept. Het betekent dat je een innerlijke ruimte creëert waarin emoties ruimte kunnen bieden zonder dat ze je overweldigen. Het is het tegenovergestelde van explosie. Maar ook van ontkenning. Het is de keuze om diep te voelen zonder te verdwalen. Alsof je vuur in je handen houdt. Niet om jezelf te verbranden, maar om de vorm, oorsprong en noodzaak ervan te begrijpen. Het is dit vermogen om emoties te bevatten/ toe te laten/ erkennen/ voelen/ ruimte geven/ kunnen dragen/ containen dat ze omzet in bewustzijn, je leert het neutraal waar te nemen, er laten zijn en ruimte te geven zonder er iets mee te doen. Zonder dit handelt u impulsief. Daarmee begin je onderscheid te maken. Begrijp/ leer onderscheiden tussen wat er in jouw verhaal zit, wat bij de ander hoort, wat een reactie verdient, en wat je gewoon moet laten bezinken tot het voorbij is.

Deze emotionele transformatie vindt niet in één keer plaats. Het vereist oefening, aanwezigheid en een oprechte bereidheid om niet weg te rennen. Maar iedere keer dat je ervoor kiest om jezelf in te houden i.p.v. te reageren wordt er iets in jou sterker. Niet als iemand die zichzelf verhard, maar als iemand die wortels schiet. Echte emotionele kracht, koelbloedigheid, is het vermogen om alles te voelen, te verdragen en toch te kunnen kiezen wat je wel of niet doet. Vanaf dit punt houden emoties je niet meer tegen. Ze beginnen je te onthullen. Er zit een bijna onzichtbaar moment tussen wat er gebeurt en wat je doet met wat er met je gebeurt. Een subtiel maar absoluut beslissend interval. In deze ruimte huist de vrijheid. De vrijheid om niet impulsief te handelen. Om geen oude patronen te herhalen en om niet slechts een weerspiegeling te zijn van de omstandigheden. Daar begint het bewustzijn. Als je automatisch reageert, lijkt het of de situatie voor jou beslist. Maar wanneer je maar even observeert, krijg je weer de keuze. Het observerende bewustzijn probeert niet te controleren of te onderdrukken. Zij ziet gewoon helder met aanwezigheid, met stille vastberadenheid en alleen al het zien ervan zorgt voor een verandering. Jung zei dat bewustzijn als licht is. En als het licht iets raakt dat eerst onbewust was, verliest het een deel van de macht die het over je had. Observeer woede zonder ermee samen te smelten. Voel angst zonder weg te rennen. Benoem pijn zonder dat het je verteert. Elke keer dat u dit doet, bevestigt u dat het niet alleen dat u voelt, maar dat u degene bent die het voelt. En dat verschil verandert alles.

Deze oefening vereist geduld. In eerste instantie realiseert u zich het misschien pas nadat u al gereageerd hebt. Maar naar mate de tijd verstrijkt, wordt de ruimte groter. Je voelt de hitte al opkomen voordat je gaat schreeuwen. De spanning op je borst voordat je jezelf afsluit. De drang om jezelf te verdedigen voordat je überhaupt wordt aangevallen. En in dat besef schuilt kracht. Het bewustzijn dat observeert is het beging van contact met het ZELF. De diepste en meest integrale kern van je wezen. In tegenstelling tot het ego dat altijd gelijk wil hebben, gelijk wil lijken en zichzelf voortdurend wil beschermen, hoeft het zelf niets te bewijzen. Hij houdt vol. Hij is. Hij ziet. Jezelf confronteren met je eigen emoties zonder impulsief te handelen is een zeldzame vorm van moed. Het is het tegenovergestelde van passiviteit. Het is innerlijke activiteit in de puurste vorm. Je rent niet weg. Je reageert niet. Je onderdrukt niet. Je houdt vol. En dat volhouden ontstaat waar er voorheen alleen spraken was van reactie. Op dit punt doen zich nog steeds externe situaties voor. Mensen praten nog steeds. Lopen weg. Zijn het oneens en provoceren. Maar je staat niet meer op de automatische piloot. Het tijdperk van bewustzijn is aangebroken en daarmee wordt een nieuwe manier van leven geboren. Minder reactie, meer keuze. Minder lawaai, meer centrum. Er is een punt in jou dat zichzelf niet hoeft uit te leggen, te verdedigen of te rechtvaardigen. Een centrum dat observeert zonder haast, zonder angst, zonder de drang om geaccepteerd te worden. Dit punt is het ZELF. In tegenstelling tot het ego dat bestaat uit ervaringen, vergelijkingen en verlangens, is het ZELF de stille kern die er altijd al is geweest. Het vormt zich niet, het openbaart zichzelf. Jung beschreef het ZELF als de organisator van de psychische totaliteit. Het diepste, meest integrale en stabiele deel van de psyche. Het gaat niet om de afwezigheid van emotie of conflict, maar om de sterke aanwezigheid te midden daarvan. Wanneer je gecentreerd bent in jezelf, probeert de wereld je misschien naar je toe te trekken, maar je handelt niet langer impulsief. Er is grond onder je voeten, een levende, stille wortel die niet door de wind meebeweegt. De aanwezigheid van het ZELF manifesteert zich in kleine dingen. Het moment dat je het gevoel hebt dat je wil schreeuwen, maar je blijft ademen en luisteren. Wanneer je merkt dat je wordt geprovoceerd, maar niet meedoet. Wanneer je besluit om te zwijgen, niet omdat je het niet wilt, maar omdat je weet dat jou rust niet afhangt van de reactie van de ander. De stilte die van het ZELF komt is geen afwezigheid, maar dichtheid. Het ZELF is niet geïnteresseerd in het winnen van geschillen, het probeert niet zijn superioriteit te bewijzen of koste wat kost conflicten te vermijden. Hij onderhoudt wat onderhoud nodig heeft. Dit betekent niet dat we passief zijn. Het betekent handelen zonder genomen te worden. Spreken zonder ingeslikt te worden. Voelen zonder op te lossen. Het is een innerlijk gezag dat niet schreeuwt, maar dat gevoeld wordt. Vaak verwarren mensen deze kracht met koudheid. Ze denken dat je afstandelijk, onverschillig en ongevoelig bent geworden. Maar wat er werkelijk gebeurde was het tegenovergestelde. Je bent meer compleet geworden en hoeft jezelf dus niet meer uit te spreiden. Vrede ontstond niet door ontsnapping, maar door integratie. Wanneer het ego niet langer de leiding heeft en het ZELF het overneemt, vindt er een radicale verandering in perspectief plaats. Je blijft van alles voelen. Het ongemak. De pijn. De vreugde. De twijfel. Maar ze ontvoeren je niet langer. Je beseft dat je al deze delen kunt bezitten zonder dat je daarvoor hoeft te rennen, te vechten of het hoeft te bewijzen. Vrede wordt iets dat niet afhankelijk is van de buitenwereld, maar van binnenuit wordt gekweekt. En wanneer je zelf op deze plek verankert, zal de wereld misschien proberen je uit balans te brengen, maar jouw as bevindt zich niet langer buiten jou, maar in jou. Pijn voelen is geen teken van zwakte, maar een teken dat er nog iets in jou leeft, gevoelig en beschikbaar is. Het idee dat emotionele volwassenheid tot ongevoeligheid leidt, is een verdraaiing. Groei zorgt er niet voor dat pijn verdwijnt. Het verandert alleen de manier waarop je pijn ervaart. Vroeger werd je opgeslokt door de pijn. Nu kun je er mee lopen. Ze komt nog steeds. Iemand loopt weg zonder uitleg. Een woord doet pijn. Een langdurige stilte drukt zwaar op de borst. Maar nu zit er een gat tussen de impact en de val. Je voelt het maar je stort niet in. Het doet pijn, maar je lost niet op. En dat is een mijlpaal. Want het gaat er niet om dat je sterker bent dan de pijn. Maar dat je er niet langer door gedefinieerd wordt. Wanneer het ZELF aanwezig is, hoeft pijn niet langer ontkent of gedramatiseerd te worden. Ze wordt met volwassenheid ontvangen. Er is ruimte voor het bestaan ervan zonder dat het jou verbruikt. Deze ruimte is wat alles verandert. Vroeger veroorzaakte elke wond een gevoel van urgentie, reageren, aanvallen, wegrennen, stil blijven. Nu maakt urgentie plaats voor luisteren. Je leert om je niet te laten verwarren door wat je voelt. Dit is de kern van emotionele integratie. Sta jezelf toe om alle te voelen, maar laat je door niets meeslepen. De pijn kan door je heen gaan, maar het zal je niet overnemen. Het bepaalt niet welke keuzes je maakt of wie je bent. Ze wordt herkend, benoemd en gekruist met aanwezigheid. Dat betekent niet apathie, maar helderheid. Je geeft nog steeds om iemand. Je hebt nog steeds contact. Je rouwt nog steeds. Maar er is een innerlijke grens die je ervan weerhoudt deze te overschrijden. Alsof er iets in jou is dat je staande houdt, zelfs op de moeilijkste dagen. En dat komt niet omdat de pijn minder is geworden, maar omdat je gegroeid bent. In plaats van te vragen dat het leven je niet langer pijn doet, begin je met het bouwen van een interne structuur die alles aan kan wat er op je pad komt. Er bestaat niet langer de verwachting van een wereld zonder verlies en frustratie. Ja, je hebt het vertrouwen dat je dit allemaal kunt voelen en toch heel blijft. In deze nieuwe toestand is pijn niet langer een vijand die vermeden moet worden. Ze wordt lerares. Het laat zien waar nog sprake is van gehechtheid, angst en idealisering. Je luistert naar de ander zonder hem of haar gelijk te willen helpen om het probleem op te lossen, of om in de aanval te gaan en jezelf te willen verdedigen als de ander jou kwetst. Om dat je weet dat als je aanwezig blijft, de pijn verdwijnt en jij blijft.

De poging om alles te controleren is eigenlijk een geraffineerde vorm van angst. Angst voor het onverwachte, voor afwijzing, voor pijn, voor verlies. Het ego wil voorspellen, plannen, en ervoor zorgen dat niets anders gaat dan zoals jij verwacht. Maar deze controle in uitputtend, en erger nog: onmogelijk. Hoe meer je probeert te controleren, hoe kwetsbaarder je wordt voor datgene waar je geen controle over hebt.

Jung waarschuwde al: de behoefte aan controle ontstaat vanuit een poging om contact met het onbekende in jezelf te vermijden. Wanneer je je eigen onzekerheden niet erkent, projecteer je die angst op anderen. Het leven moet op orde zijn. Mensen moeten reageren zoals jij verwacht. Elke afwijking van het script (in jou) wordt een bedreiging (voor je). Niet omdat de wereld vijandig is, maar omdat je nog niet hebt geleerd hoe je interne chaos kunt verdragen. En dan ontstaat er chaos. Het komt altijd terug in de vorm van plotselinge veranderingen, beslissingen van anderen, mislukkingen die je niet hebt voorzien, reacties die je niet onder controle hebt. En als controle je enige redmiddel is, leidt elke afwijking van het plan tot een ineenstorting. Je lijdt niet alleen vanwege wat er is gebeurd, je lijdt omdat je het niet kon voorkomen. Op dit punt wordt overgave wijsheid. Niet de overgave van verlatenheid, maar van vertrouwen. Vertrouw erop dat er iets groters is dat jou ondersteunt. Dat het het leven niet precies volgens jou plannen hoeft te verlopen om waardevol te zijn. Dat je alles aankunt. Ook als je de touwtjes niet in handen hebt. Het accepteren van het oncontroleerbare is geen berusting, maar psychische volwassenheid.

Je beseft dat je niet op de wereld bent om te voorkomen dat het gebeurt, maar om te leren hoe je heel kunt zijn onder wat er gebeurt. Hierdoor verandert de houding. I.p.v. jezelf tegen alles te wapenen, begin je ruimte te creëren. I.p.v. verstijven leer je flexibel te zijn. Hoe meer je jezelf in het centrum verankert, hoe minder je de behoefte voelt om alles onder controle te hebben. Mensen kunnen hun eigen keuzes maken. Maar situaties kunnen misgaan. Je blijft daar. Aanwezig. Observerend. Voelend. Handelend indien nodig, maar niet uit wanhoop. Het is interessant dat je pas een echte vorm van macht ervaart als je stopt met proberen alles te controleren. Een kalme kracht die niets hoeft te bewijzen. Het ontstaat uit innerlijke stevigheid. Niet door manipulatie van buitenaf. En op die plek zal de chaos je niet langer verteren. Hij gaat voorbij, en jij blijft.

Elke keer dat je ervoor kiest om niet automatisch te reageren, wordt er iets stils sterker in je. Het is geen ontkenning of ontsnapping. Het is aanwezigheid. Het is een interne beslissing om de impuls niet te volgen om de eindeloze keten van verdediging, aanval en rechtvaardigheid niet te voeden. Hier begint individualisering. Het proces om te worden wie je werkelijk bent. Voor Jung is individuatie geen ideaal dat bereikt moet worden. Het is een pad, een natuurlijke ontvouwing van het bewustzijn. Wanneer het stopt met alleen maar te leven onder de heerschappij van het ego. Voor dit proces is geen perfectie nodig, maar wel de waarheid. De waarheid van het waarnemen van de eigen patronen. De herhaling van wonden. De zones van reactie. En nog belangrijker: de bereidheid om die cyclus te doorbreken. Bewust niet reageren is een vorm van verzaking. Je geeft niet toe aan impulsen. Je reageert niet in een opwelling en je raakt niet in een gevecht verwikkeld alleen maar omdat je wordt geprovoceerd. Dit is geen passiviteit. Dit is vertrouwen. Het vertrouwen dat er iets diepers aan je psyche ten grondslag ligt. Een stabielere as die niet elk argument hoeft te winnen om te bestaan.

Kracht komt voort uit stilte. Een dichte stilte vol bewustzijn waar geen haast is om jezelf uit te leggen, en geen angst om te zwijgen. Je beseft dat hoe minder je probeert jezelf te verdedigen, hoe duidelijker het wordt wat er werkelijk toe doet. En dat de energie die wordt besteed aan het in stand houden van de egomaskers kan worden gebruikt voor iets waardevollers. Als je je in deze staat bevindt, betekent dat niet dat je stopt met je ergens druk om te maken. Maar dat je niet langer verdwaald raakt. De provocatie kan nog wel komen, maar je kruipt er niet meer naartoe. JE hoeft niet voortdurend je waarde te bewijzen, en je hoeft er ook niet voor te zorgen dat de ander je begrijpt. Aanwezigheid spreekt luider dan welk antwoord dan ook.

Individuatie is grotendeels deze interne beweging van het vertragen van reflexen en het uitbreiden van bewustzijn. Wanneer je stopt met reageren, begin je met kiezen. En door te kiezen, begin je niet te worden wat er van je verwacht wordt, niet wat je verleden je heeft gevormd te zijn. Maar wat het meest wezenlijke en authentieke is in jouw psyche. Dit proces kent geen einde. Het is continue, dagelijks en soms onmerkbaar. Maar met elk nee-antwoord dat vanuit het centrum komt, ga je vooruit. En beetje bij beetje lost datgene op dat je ooit domineerde. Niet omdat het verdwenen is, maar omdat je gestopt bent er tegen te vechten. En door te stoppen met vechten, begon je daadwerkelijk te leven. Er komt een moment dat je beseft dat je niet meer reageert zoals je vroeger deed. De wereld blijft wat ze is met haar druk, tegenstellingen, geluiden. Maar er is iets veranderd in jou. Wat je ooit diep heeft gekwetst, raakt je nu alleen nog maar. Wat je ooit uit balans bracht, glipt nu gewoon voorbij. En als je dit opmerkt, begrijp je, je was niet langer een stuk maar een speler. Deze verandering vindt niet op de ene op de andere dag plats, maar vindt in stilte plaats achter de schermen van het bewustzijn. Elke keuze om niet te reageren. Elke emotie die je in bedwang houdt. Elk woord dat je kiest om niet te zeggen. Elke trigger die je herkent en volhoudt zonder jezelf te verliezen. Dit alles creëert een nieuw centrum in jou. Dieper, stabieler en vrijer. Vrij zijn betekent niet immuun zijn voor lijden. Wordt er niet langer door gedefinieerd. Het gaat er niet om dat je je afsluit van de wereld, maar dat je jezelf zo volledig opent dat je de wereld niet meer hoeft te controleren. Pijn komt en gaat. Kritiek verschijnt. Verliezen komen. Maar jij blijft. Omdat je hebt geleerd dat je niet langer alles hoeft te winnen om vrede te hebben. Deze vrijheid heeft een prijs. Verantwoordelijkheid voor zichzelf. Wanneer je stopt met het geven van de schuld aan de wereld, begin je aandacht te besteden aan hoe je je voelt. Wanneer je stopt met proberen anderen te controleren, begin je je eigen bewegingen te observeren. Het is in het begin eng. Maar het is ook bevrijdend. Omdat je niet langer hoeft te wachten op dat er iets van buitenaf verandert, ben jij het punt van verandering geworden. Nu zal elke provocatie een spiegel worden. Elk ongemak een waarschuwing. Elke emotie een boodschap. En alles wat je ooit beïnvloedde je nu iets leert. Het spel stopte niet, maar jij stopte met spelen in de automatische modus. Jouw reactie is niet langer een reactie, maar een keuze. En dit verandert de manier waarop je leeft volledig. Er is geen noodzaak meer om te bewijzen, te corrigeren, te winnen of weg te rennen. Stilte is niet langer de afwezigheid van spraak, het is een aanwezigheid die in stand blijft. Kalmte is niet langer een vermomming, maar een gevolg van het weten waar je bent. En de ander met alles wat het met zich meebrengt, bepaald niet langer wie jij bent. Je kent jezelf en de ziel die zichzelf kent hoeft zichzelf niet meer uit te leggen.

Totaal 36:06. Kern: “Ik kies ervoor om geen reactie meer te zijn”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.